Nieuws Archives - BlueTerra
243
archive,category,category-nieuws,category-243,ajax_fade,page_not_loaded,,select-theme-ver-4.2,wpb-js-composer js-comp-ver-6.2.0,vc_responsive

Nieuwe medewerkers starten bij BlueTerra

Blueterra heeft 2 nieuwe medewerkers in dienst. Thijs van Lenthe is sinds begin april bij BlueTerra aan het werk. Hij heeft hiervoor een aantal jaren gewerkt bij Powerspex en heeft ervaring met modelleren van energiesystemen. Binnen BlueTerra zal hij vooral in de industrie werkzaam zijn met complexe energiesystemen en energiebesparingsonderzoeken.

Per 1 september is Jan de Rijke bij Blueterra in dienst gekomen als management consultant. Jan heeft een lange staat van dienst in de procesindustrie en heeft veel ervaring met het uitwerken van energiestrategieën. Jan combineert dat met veel ervaring op het gebied van engineering en operatie. Jan zal zich richten op het ondersteunen van de proces industrie met het opstellen van langjarige energiestrategieën.

Jeroen Larrivee is komend jaar voor een groot deel van zijn tijd ingehuurd door Greenports Noord-Holland Noord en Greenport Aalsmeer. Jeroen zal samen met de lokale stakeholders een gebiedsvisie energie voor de glastuinbouw ontwikkelen.

Op dit moment heeft BlueTerra een vacature voor een junior consultant.

Restwarmte het nieuwe thema binnen de EED’s

De meeste bedrijven die wij onderzoeken hebben alle voor de hand liggende maatregelen al doorgevoerd. Aangezien de lat hoog ligt moeten we alle creativiteit inzetten om nieuwe besparingsmaatregelen te genereren. Opwaardering van restwarmte blijkt voor veel bedrijven nog een onontgonnen terrein te zijn.  Door de restwarmtestromen goed te inventariseren en de mogelijkheden van warmtepompen en damprecompressie in kaart te brengen ontstaan er nieuwe kansen. Met behulp van pinchtechnologie kunnen we het lange termijn potentieel vaststellen. Deze vormen van slimme elektrificatie zijn nog steeds de meest praktische manier om je richting duurzaamheid te ontwikkelen. Zeker voor processen die zich op een lager temperatuurniveau dan z’n 160 °C afspelen.

Ook bij bedrijven die verschillende drukniveaus voor stoom hanteren liggen er kansen. Met stoomexpansie of juist stoomcompressie kan de balans op ieder moment hersteld worden, waardoor het afblazen of condenseren van stoom niet nodig is en de exergieinhoud maximaal wordt benut.

Het warmtetechnisch optimaliseren van bedrijven is een uitdagende puzzel waar wij enorm veel plezier aan beleven! Voor meer informatie neem contact op met Jan Grift van ons bureau.

Masterclass energietransitie in de industrie gaat najaar 2020 Corona-proof van start

De derde editie van de Masterclass Energietransitie in de Industrie is in het eerste kwartaal van dit jaar afgerond. Een groep van 16 deelnemers uit industrie, bedrijfsleven en overheden heeft deelgenomen aan deze Masterclass. De reacties zijn zeer positief en vooral de diversiteit van de onderwerpen en de praktische toepasbaarheid worden geroemd.

De Masterclass streeft ernaar om personen die te maken krijgen met de klimaatdoelstellingen in de industrie wegwijs te maken in alle aspecten die daarbij een rol spelen. De onderwerpen die behandeld worden variëren van de regelgeving en beleidscontext tot de wijze om tot energiebesparing en concrete CO2 reductieplannen te komen. Afgesloten wordt met een sessie over verandermanagement en een bedrijfsbezoek om de ervaringen in de praktijk van koplopers te vernemen. Dit brede beeld dat wordt gegeven van de energietransitie wordt gewaardeerd door de deelnemers:

“Deelname aan de Masterclass van Blue Terra heeft mij een goed overzicht van de technische aspecten gegeven. Tot mijn verrassing was er daarnaast ook aandacht voor de psychologische kant van energietransitie die helpt om medewerking te krijgen binnen en buiten het bedrijf.”

Robert van Beek (FME)

In het vierde kwartaal zal er bij voldoende deelname weer een nieuwe editie van start gaan. Deze editie is Corona-proof. Het aantal plaatsen is daarmee wel beperkt tot 10 deelnemers. We hebben al aanmeldingen dus bent u geïnteresseerd meld u dan snel aan. Meer informatie en mogelijkheid tot inschrijven vindt u hier.

Goed nieuws en minder goed nieuws over de milieudruk in Nederland

Het RIVM publiceerde onlangs onderstaande figuur die verder weinig aandacht heeft gehad. Je ziet in deze figuur dat de emissies van stikstof, fijnstof en overige broeikasgassen sinds 1990 aanzienlijk zijn gedaald. Je zou dat op basis van de recente discussies over stikstofemissies en ook wel andere emissies niet verwachten. Het zelfde geldt overigens voor emissies als SO2 en NH3 die niet in dit plaatje zijn vermeld. Best een knappe prestatie en het gevolg van goed beleid en goede uitvoering in het bedrijfsleven.

Deze prestatie is des te groter omdat in dezelfde tijd het BNP een factor 1,8 is gestegen.

Wat ook zichtbaar is is dat de emissie van CO2, het meest bekende broeikasgas, nagenoeg constant is gebleven. Dit is op zichzelf best een prestatie, want ondanks de groei van de economie (BNP) is de CO2-emissie dus constant gebleven. We doen de dingen dus wel een stuk efficiënter dan in 1990.

De doelen voor broeikasgassen in 2020, 2030 en 2050 zijn eveneens aangegeven. Daar is dus nog flink wat werk aan de winkel en dat is natuurlijk afgesproken in het Klimaatakkoord. Duidelijk is wel at de verdere daling van de broeikasgassen vooral uit reductie van CO2 zelf moet komen. Dus dan gaat het grotendeels om de CO2 uit fossiele brandstoffen. Daar is de komende jaren in alle sectoren veel werk aan de winkel.

West-brabant

Nieuwe kansen met de SDE++ subsidie in november

Dit najaar gaat de SDE++ open en deze regeling biedt nieuwe kansen voor allerlei vormen van verduurzaming. De definitieve regeling is nog niet gepubliceerd maar afgaande op het PBL advies en de Kamerbrief komen er nieuwe categorieën in voor onder andere restwarmtelevering, warmtepompen, mechanische damprecompressie, E-boilers, aquathermie, ondiep geothermie, de daglichtkas en CO2-afvang en -opslag. Dit naast de bestaande categorieën zoals wind, zon en (diepe) geothermie. Zoals we in de vorige nieuwsbrief hebben vermeld kan de toepassing van een warmtepomp of E-boiler met SDE++ zeker interessant worden. Er is een budget van € 5 miljard beschikbaar en daarmee maken passende projecten een goede kans op een positieve beschikking!

De regeling opent op dinsdag 24 november, 9.00 uur en loopt tot donderdag 17 december, 17.00 uur. De indiening gaat in verschillende fases met oplopende subsidie-intensiteit. De indiening vraagt om de nodige ervaring in de samenstelling van de documenten, onder andere een haalbaarheidsstudie volgens het format van RVO of de aanvraag van een (bouw-) vergunning. Daarnaast speelt de tactiek van het indienen een rol waarbij vooral de gevraagde subsidiehoogte versus de kans op een succesvolle beschikking van groot belang is. BlueTerra heeft vele SDE-subsidieaanvragen met succes uitgevoerd. Daarbij stellen wij de benodigde aanvraagdocumenten op en kunnen ook de elektronische indiening voor rekening nemen. Deze ondersteuning wordt ten zeerste aangeraden m de kans op succes te vergroten. Daarnaast is tijdig beginnen met het opstellen van de documentatie een kritische factor.

Meer details vindt u in de kamerbrief. Wilt u weten of de SDE++ bij uw situatie past? Neem contact op met Jeroen Larrivee.

Management briefing over gevolgen CO2 heffing

De nationale CO2 heffing gaat de komende jaren veel gevolgen hebben voor de industrie. Voor voorlopers zijn er kansen, terwijl bedrijven die achterlopen op Europese benchmark in 2021 mogelijk al te maken krijgen met aanzienlijke kosten. De regeling is nog niet definitief en enkele aspecten moeten nog worden vastgesteld. Toch kunnen er al belangrijke lessen worden getrokken. De planning van besparingsmaatregelen gaat bepalen welke impact de heffing heeft op de cash flow van ieder bedrijf onder de heffing. Tijdig de juiste strategie uitstippelen kan veel kosten besparen. Wilt u daarom de mogelijke gevolgen rapporteren aan uw directie? BlueTerra kan een management briefing verzorgen waarin de mechanismen van de heffing worden toegelicht en de (mogelijk) kansen en pijnpunten van de heffing in kaart worden gebracht.

Voor ons webinar op 19 mei jl. over de concept regeling van de CO2 heffing is er veel aandacht geweest. Dat is ook niet zo gek want de regeling kan in potentie veel kosten met zich meebrengen. Inmiddels is de consultatieperiode voorbij en blijken er vele reacties bij het ministerie binnengekomen te zijn. Het is afwachten wat de minister met de reacties gaat doen. Het is de bedoeling dat de Staatssecretaris van Financiën het definitieve wetsvoorstel met Prinsjesdag indient zodat het meegenomen wordt in het belastingplan 2021 en het vanaf januari 2021 in kan gaan.

Er is in de eerste jaren vanwege de coronacrisis een hoge factor aangenomen voor het verkrijgen van dispensatierechten. Dat zou er toe moeten leiden dat bedrijven in de eerste paar jaar nog weinig tot geen kosten hebben. Afhankelijk van de situatie per bedrijf beginnen de kosten vanaf 2023 geleidelijk op te lopen.  Het op tijd uitvoeren van verduurzamingsmaatregelen biedt de kans om deze kosten weer te verlagen. Een juiste timing is daarbij cruciaal.

Uitgaande van de conceptregeling blijkt uit modelberekeningen van BlueTerra dat voor bedrijven die een efficiëntie hebben die substantieel achterligt op de Europese benchmark de kosten in 2021 in combinatie met de ETS kosten al aanzienlijk kunnen zijn. Door een overschot in dispensatierechten van andere bedrijven op te kopen kunnen de kosten meevallen, maar onzeker is hoe groot het overschot zal zijn. Bedrijven moeten hier budgettair wellicht rekening mee houden voor 2021. Maatregelen ter verbetering van de efficiëntie zijn in dat geval op korte termijn al van groot belang.

Om te voorkomen dat uw directie overvallen wordt met deze regeling en om de kansen van maatregelen aan te geven kan Blueterra ondersteunen met het verzorgen van een management briefing. Deze briefing kan allereerst de mechanismen van de heffing uitleggen en hoe die zijn effect kunnen hebben op uw specifieke situatie. Daarnaast kan met het door BlueTerra ontwikkelde rekenmodel een analyse gemaakt worden van de mogelijke kosten voor de CO2 heffing in 2021 en de jaren daarna het effect van verbeteringsmaatregelen. Bent u geïnteresseerd in deze management briefing of wilt u meer weten over de CO2 heffing? Neem dan contact op met Jeroen Buunk.

Meer sturing van de overheid in de energietransitie; meer wortels en meer stokken…

In alle hectiek door de coronacrisis heeft het maar weinig  aandacht gekregen, maar minister Wiebes heeft op vrijdag 15 mei een opvallende brief geschreven waarmee hij een belangrijke koerswijziging heeft ingezet. In zijn brief, ‘Visie verduurzaming basisindustrie 2050; de keuze is aan ons’, legt hij in maar liefst 38 pagina’s uit hoe hij aankijkt tegen de energietransitie in de industrie [link].

Het goede nieuws: de Nederlandse (basis)industrie is een belangrijke pijler van de Nederlandse economie en zorgt voor veel werkgelegenheid. De industrie is echter wel fossiel-energie-intensief en daarmee ‘een wezenlijke factor in het nationale Klimaatakkoord én in het behalen van de Europese klimaatdoelen’. Wil de Nederlandse industrie haar goede positie behouden dan is een transitie cruciaal. Wiebes spreekt de ambitie uit dat de schoonste en meest innovatieve industrie in Nederland staat. Juist de ligging van Nederland met veel ruimte voor wind op zee en industriële complexen geclusterd rondom havens moeten een belangrijke vestigingsvoorwaarde worden voor deze industrie.

Een belangrijke verschuiving is de visie van Wiebes op de rol van de overheid. Tot nog toe was de rol van de overheid beperkt tot die van een markt faciliteren en het bedrijfsleven het verder zelf laten oplossen. Nu geeft Wiebes aan dat de overheid stevig de regie moet pakken. De overheid moet zich daarbij toespitsen op de volgende 4 punten: innovatie, opschaling, infrastructuur en wetgeving. Verder moet de overheid zelf ook risicodragend investeren, bijvoorbeeld in warmtenetten, waterstofnetten en CO2 transport en -opslag. Tenslotte moet Nederland ook de Europese samenwerking zoeken en de internationale concurrentiepositie van de industrie borgen, bijvoorbeeld met een carbon border adjustment mechanism. Al met al een grote omslag in het denken die, zoals hij aangeeft, leidend gaat worden voor het kabinet.

Een concreet voorbeeld van investeren is het voornemen van het kabinet om gericht ‘flagship’ projecten te gaan ondersteunen. Het gaat daarbij om projecten met betrekking tot waterstof, CCUS, elektrificatie en circulariteit. De overheid wil komende 4 jaar van elk van deze technologieën, één á twee installaties hebben op commerciële schaal. Deze projecten krijgen dan gerichte ondersteuning anders dan de meer algemene SDE++.

In lijn met de brief van de minister van Economische Zaken is er een advies uitgebracht door de Taskforce Infrastructuur Klimaatakkoord Industrie (Tiki) over de vereiste infrastructurele aanpassingen om de industrie te verduurzamen [link]. Dit advies benadrukt ook de sterke uitgangspositie van de Nederlandse industrie en het belang dat de overheid de juiste voorwaarden schept om verduurzaming mogelijk te maken. Het geeft hierbij een eerste aanzet voor een energiehoofdinfrastructuur met onder meer een waterstof-backbone en een CO₂-rotonde. Voor bedrijven kan het interessant zijn om te kijken welke mogelijkheden een dergelijke infrastructuur biedt.  

Naast de brief van is er een rapport verschenen van een ambtelijke werkgroep onder leiding van het ministerie van Financiën met de titel: ‘Fiscale vergroening en grondslagerosie, Bouwstenen voor een beter belastingstelsel’[link]. Hierin worden 169 beleidsopties onderzocht om het fiscale stelsel te vergroenen. Opties zijn bijvoorbeeld het minder degressief maken van de belastingschijven, geen onderscheid voor grondstofgebruik van kolen of gas en de  beperking van de vrijstelling voor WKK.  Ingrijpende maatregelen dus. De uitvoering van de maatregelen is aan een nieuw kabinet. Op zijn vroegst zal er dus pas wat veranderen in het stelsel 2022. Het rapport geeft echter aan dat het de overheid ook door middel van het belastingstelsel haar invloed wil uitoefenen op de verduurzaming en daarbij maatregelen met een forse impact niet schuwt.  

Deze ontwikkelingen komen nog naast de invoering van de nationale CO2-heffing. Het laat zien dat het dit kabinet menens is om de duurzaamheidsdoelstellingen in 2030 te halen en dat het daarbij een actieve rol wil gaan invullen. Dit betekent voor de industrie meer mogelijkheden tot verduurzaming maar ook hogere kosten voor de achterblijvers.   

Wilt u in discussie over de mogelijkheden voor verduurzaming voor uw bedrijf of benieuwd naar de mogelijke impact van aanpassingen in het belastingstelsel? Neem contact op met Stijn Schlatmann.

Heffing ODE komt hard binnen bij het MKB, is het mogelijk om er iets positiefs uit te halen?

Heeft u de afgelopen vier maanden al eens uw energierekening bekeken? De recente verhoging van de Opslag Duurzame Energie (ODE) van met name de 3e tranche heeft nogal wat financiële gevolgen voor het MKB. U betaald 1,31 cent per kWh meer ten opzicht van 2019. Dat lijkt niet veel, maar voor productiebedrijven kunnen de kosten oplopen tot  € 130.000,- meerkosten ten opzichte van 2019.

TABEL ODE op elektriciteit 2e en 3e tranche

Zo ook voor het bedrijf van Andre van de Loo, directeur van Dumocom te Almelo, een producent van PET-flessen en preforms. Hij heeft afgelopen week zijn elektriciteitsrekeningen eens op een rijtje gezet, en schrok enorm. Zijn eerste gedachte was “er zit een fout in de tabel van de ODE, want de hele tabel is logisch, behalve één cijfer”

Zoals Andre mooi verwoordde: “Ik heb de jaarlijkse toename van alle tarieven even berekend en dan lijkt er een koekoeksjong in het nest te zitten”.

Andre was voornemens om dit jaar een paar mooie duurzame projecten te realiseren (groene energie van eigen dak, overig verbruik groen in te kopen). En dat op eigen rekening want hij wil zijn klanten niet laten betalen voor mijn eigen ambities. Gezien de ODE, denkt Andre de duurzame projecten niet meer te kunnen veroorloven. Hij betaalt jaarlijks namelijk € 85.000 euro extra door de ODE.

Wat hij vooral “belachelijk” vindt, is dat deze toeslag niet kan voorkomen door het vergroenen van de eigen energie-inkoop. Besparen is de enige optie die over is, maar de grote stappen zijn bij Dumocom wel gezet. Kortom, hij heeft € 85.000 minder ruimte om te investeren en in extra maatregelen. Jammer en demotiverend.

De reactie van Andre is begrijpelijk, zeker voor bedrijven met energiegebruik in de 3e tranche, maar het is goed om toch te kijken naar energiebesparing en naar subsidies. De ODE wordt door de overheid namelijk gebruikt om de SDE++ subsidie te bekostigen. Het is voor de MKB bedrijven die ambities hebben op het gebied van energiebesparing of verduurzaming goed om eens te kijken of daar technieken zijn die interessant voor hen zijn. Want op die manier kan wellicht toch (een deel) van de ODE kosten worden teruggewonnen en met de energiebesparing kan een blijvende kostenverlaging worden gerealiseerd.

BlueTerra heeft ook voor het MKB alle mogelijkheden van SDE++ en EIA goed in kaart. Denk bijvoorbeeld aan zonnepanelen, warmtepompen of efficiënte koeling.

Wil u weten welke mogelijkheden er voor uw bedrijf zijn, neem dan contact op met Jeroen Larrivee van BlueTerra of uw gebruikelijke contactpersoon. Samen met u kunnen we kijken welke mogelijkheden er zijn.

Overheid komt met specifieke ondersteuning voor “flagship” projecten

Jarenlang was de tactiek van de overheid de technologie te subsidiëren die het meest kosteneffectief CO2 bespaarde. Van deze manier van ondersteuning wordt nu afgeweken. Vier technologische ontwikkelingen moeten specifiek gestimuleerd worden: waterstof, CCUS, elektrificatie en circulariteit. Interessante projecten op deze gebieden kunnen gerichte steun verkrijgen.

In een brief van Wiebes van 15 mei wordt de kabinetvisie gepresenteerd met een “een nieuw perspectief voor een duurzame, klimaatneutrale basisindustrie in Nederland”.  Zie ook ons artikel “Meer sturing van de overheid in de energietransitie; meer wortels en meer stokken… ” Bij de ontwikkeling naar een klimaatneutrale industrie is het de bedoeling ook het Rijk een belangrijke rol gaat spelen. Er wordt ervoor gekozen de benoemde vier technologische ontwikkelingen te steunen en te versnellen.

Het kabinet mikt erop om de komende vier jaar op elk van deze vier onderwerpen één à twee installaties te hebben op commerciële schaal. In het geval van CCUS, elektrificatie en circulariteit gaat het daarbij om “flagship” projecten. Projecten die laten zien dat Nederland vooroploopt en een goede vestigingsplaats is voor de industrie.

Door dergelijke projecten gericht te ondersteunen slaat het een andere weg in dan de huidige techniekneutrale steunvormen. Zo concurreren technieken in de SDE++ op basis van kostprijs.  Deze boodschap biedt bedrijven met grootschalige innovatieve projecten om aan te kloppen bij de overheid om rechtstreeks in overleg te gaan over de mogelijkheid tot specifieke ondersteuning.

Heeft u ideeën voor een innovatief project en bent u benieuwd wat de mogelijkheden zijn? Neem contact op met Stijn Schlatmann.

Opkomst duurzame opwekking biedt kansen voor E-boilers

Zoals uit het artikel “Sterke toename duurzame opwekking zet elektriciteitsmarkt op z’n kop”  blijkt gaat het aantal uren met lage tot negatieve elektriciteitsprijzen komende jaren sterk toenemen. Nu er ook een SDE++ subsidie is ingegaan voor elektrische boilers (E-boilers) is dit het moment om de haalbaarheid opnieuw uit te werken.

De terugverdientijd van een E-boiler hangt erg sterk af van de situatie in een bedrijf, vooral de inpassingskosten en de netkosten. Zonder subsidie is een E-boiler in de meeste gevallen nog niet rendabel. Maar met de SDE++ subsidie en uitgaande van de ontwikkeling op de elektriciteitsmarkt in de komende jaren is een terugverdientijd van enkele jaren mogelijk. Een goede reden voor warmtegebruikers om een investering in een E-boiler te (her-) overwegen.

De aanschafkosten van een E-boiler zijn relatief laag. De totale investering hangt vooral af van de vraag of er nog ruimte is in een bestaand ketelhuis en de kosten van de elektriciteitsaansluiting. Ook zijn er hybride ketels op de markt leverbaar waarin naast meerdere brandstoffen (fossiel of biogeen) ook met elektriciteit stoom of warmwater kan worden geproduceerd.

De business case hangt ook van meerdere factoren af. Naast de commodityprijzen en de energiebelasting van gas en elektriciteit zijn de belangrijkste factoren de netwerkkosten van de elektrische netverbinding. Als de E-boiler niet leidt tot een uitbreiding van de netverbinding en ook niet tot extra gecontracteerde capaciteit, dan kan dit, ook afhankelijk van het spanningscategorie en uitgaande van toenemende lage E-prijzen in de komende jaren, nu al leiden tot een redelijke terugverdientijd.

Dit najaar gaat de SDE++ subsidieregeling van start en daarin is een nieuwe categorie voor (grootschalige) elektrische boilers opgenomen. Deze regeling geeft een minimum opbrengst voor maximaal 2000 uur per jaar voor boilers met een minimaal vermogen van 600 kWe. Eerste berekeningen met de voorlopige basisprijs laten zien dat de SDE++ de haalbaarheid aanzienlijk verbetert. Wederom sterk afhankelijk van de situatie zien wij dat terugverdientijden van enkel jaren mogelijk kunnen zijn, zelfs als er extra netcapaciteit gecontracteerd moet worden.

Het vermogen dat een E-boiler afneemt is snel schakelbaar. Daarmee kan het vermogen van de E-boiler aangeboden worden aan Tennet als regelvermogen, eventueel in een gezamenlijk poule. Dit biedt mogelijkheden voor extra inkomsten. Wel compliceert dit de bedrijfsvoering enigszins. Vooral voor bedrijven die een WKK al flexibel bedrijven is dit echter een goede mogelijkheid met een beperkte extra inspanning voor de bedrijfsvoering. Wilt u meer weten, neem dan contact op met Stijn Schlatmann.